Klein of toch groot?

Blozen .....tot aan mijn kruin!

"Nee joh, dat meen je toch niet?", zegt ze, als ik net verteld heb dat volwassenen, zoals ik, ook kunnen blozen uit een gevoel van verlegenheid met een bepaalde situatie.

Ik heb haar net gevraagd hoe het voelt om een compliment te ontvangen. Voelt dat vreemd? Onzeker? "Nee hoor, helemaal niet!", zegt ze.

Wat ik merk is dat in de zoektocht van haar kwaliteiten, ze zichzelf elke keer kleiner maakt dan wie ze oorspronkelijk is.

Ook dàt is een gegeven wat ook bij volwassenen voorkomt. Ik herinner mij een workshop die ik mocht geven waarin een bepaald levensthema met een collage werd uitgewerkt. Bij de presentatie van ieder afzonderlijk, viel me op dat iedereen zichzelf verontschuldigde voor het gemaakte. Wat is dat toch, dat we vaak ons potentieel niet durven tonen? Uit angst voor wat anderen ervan vinden? Angst om te stralen?

Is het niet juist dàtgene waartoe wij hier op aarde zijn om, zonder pochen (dat is iets heel anders) ons ware gezicht (durven) tonen. Als een uitnodiging voor anderen om datzelfde te mogen doen?

Want zo werk het met kwetsbaarheid - jezelf laten zien. Als ik mezelf toon (zo nu en dan zet ik dit bewust in tijdens een sessie) nodig ik al die anderen uit om in eerlijkheid zichzelf te mogen onderzoeken. En blij te worden van wie ze zijn.


Onze diepste angst is niet dat we ontoereikend zijn.

Onze diepste angst is dat we buitenmatig krachtig zijn.

Het is ons licht, niet onze duisternis die ons het meest bang maakt.

We vragen onszelf af: "Wie ben ik om briljant, schitterend, getalenteerd en legendarisch te zijn?"


Zowaar, wie ben je om dat niet te zijn? Je bent een kind van God. Jezelf klein maken dient de wereld niet.

Er is niets verlichts aan krimpen zodat andere mensen om je heen zich niet onzeker gaan voelen.

We zijn geboren om de glorie van God die in ons is, tot uitdrukking te brengen.

Het is niet slechts in enkelen van ons aanwezig, maar in iedereen.

En als we ons eigen licht laten schitteren, geven we onbewust toestemming aan ander mensen om net zo te zijn.


Terwijl we bevrijd worden van onze angsten, bevrijdt onze aanwezigheid automatisch de anderen.

Woorden van Marianne Williamson, uitgesproken door Nelson Mandela in zijn inaugurele rede.

De Grote En De Kleine